vrijdag, september 17, 2004

halve marathon van rotterdam

HALVE MARATHON VAN ROTTERDAM

Zondagmorgen behoorlijk vroeg in de auto op weg naar de carpoolplaats. Het is nou niet echt het mooiste weer van de wereld. Everyone knows it’s windy en ik weet het nu ook ! De volkswagenbus zwabbert over de weg en de radio staat op Vroege Vogels. Boven het windgeruis uit hoor ik duiven koeren en de meneer van de universiteit van Wageningen legt uit dat de koerfrequentie van lachduiven te maken heeft met het gebruik van speciale supersnelle spieren, die zich binnen 10 milliseconden samentrekken en ook weer deels ontspannen.

Kijk met dit soort informatie kan je verder in het leven. Hier zitten we toch met zijn allen op te wachten, of niet soms ? We weten inmiddels sinds deze week dat papagaaien praten met hun tong, maar dit is toch ook niet mis. Het koeren gebeurt dus met een spier !

Over mijn eigen spieren heb ik zo mijn twijfels. Zou het andijvieprakkie met spekkies en een gekookt eitje van gisteravond mijn speciale supersnelle spieren hebben voorzien van adequate brandstof vraag ik me af terwijl ik de carpoolplaats opstap. Met medestrijders Ed de J uit H., Angela, Corry, Wilfred, Magda, Peter en Karin gaan we de Halve Marathon van Rotterdam aanvallen en daartoe moeten wij provincialen met de ….. metro, althans dat wordt van alle kanten aanbevolen en dat is voor ons toch wel weer een beetje wennen. Gelukkig worden we met een onvervalst rotterdams accent joviaal van advies voorzien door ome Kees, die daar toch als een soort hangoudere op zijn fiets maar een beetje rondhangt. Je mot daaro heen, wijst ome Kees, de metroman en vanuit het altijd gezellige metrostation Zalmplaat stappen we in op de gloednieuwe lijn naar Zevenkamp. Ik denk bij gloednieuw ook wel eens aan fluisterstil, maar het lijkt wel alsof ze de rails te smal hebben gemaakt voor de wagonnetjes, alsof je met je nagels over een schoolbord rijdt.

We zijn vroeg. Sommigen moeten hun startnummer nog ophalen en rond de stand van de organisatie lopen een paar struise dames, die goed opletten of je wel genoeg te doen hebt. Als je de indruk geeft, dat je wel wat tijd over hebt, komen ze op je af. Zwaar bewapend met een pen en een klembord. Mogen we u een paar vragen stellen ? vraagt één van de mevrouwen. Mwaah, doe maar, hoe lang duurt het ? Niet zo lang hoor, verzekert ze me, en ze tovert een aantal stencils tevoorschijn ter dikte van een telefoonboek. Vast en zeker inclusief de instructies voor de enquetrices stel ik mezelf gerust.

Of ik dan nu de vragen in wilde vullen. Zoals, hoe vaak per week loopt u, hoe lang, alleen of in een groep, loopt u wedstrijden, hoeveel kilometer dan, hoeveel per jaar, heeft u speciale kleding, zo ja welke, hoeveel paar schoenen per jaar, wanneer de laatste paar, welke merken schoenen kent u, (let op ! de enquetrice mag niet helpen, staat er in vetgedrukt lettertype) leest u loopbladen, zo ja welke, iedere maand ? Ik besloot om er maar even bij te gaan zitten, dat mag bij kruisverhoren en nam plaats achter de opgestelde tafels en stoelen en wek nu schijnbaar de indruk dat ik bij de organisatie hoor. Maar ik geef geen kik en ga dapper door met de vragen. Vind u uw gebruikte sokken prettig ? Draagt u een zonnebril, en terwijl ik aan het doorslaan ben en op het punt sta om te gaan bekennen zie ik dat de anderen met wie ik ben gekomen inmiddels hun startnummers hebben gehaald en te kennen geven verder te willen. Dat vind ik een aardige aanleiding om met het invullen van de enquete te stoppen. Ik moet weg, mevrouw ! Het spijt me enorm ! Ziet u die lieve mensen daar lopen? en ik zwaai even naar ze. Maar de pronte enquetrice wilde van geen wijken weten. Ja zeg, sputtert ze, u bent er nu mee begonnen en dan moet u het eigenlijk ook afmaken hoor ! Probeert ze nog en ik kreeg al visioenen over welke merken shampoo ik na het sporten gebruik en hoe lang ik daar dan mee doe ! Dus in vriendelijke bewoordingen met de strekking -van bekijk het effe lekker met je enquete- vraagt de mevrouw met de veel te grote bril hoe ik heet en of ik mijn naam en telefoonnummer wilde achterlaten om het formulier telefonisch af te maken! En ik besluit om toe te stemmen. Per slot van rekening doen deze mensen ook maar wat ze zijn opgedragen om een paar centjes te verdienen en ik hoor me zeggen dat mijn naam Mijer is. Chris Mijer, mevrouw ! Met een lange ij. 0181 – 315187

In Hazzebazz gezellig samenzijn met koffie en een krentenbolletje van Karin (het is niet toegestaan zelf meegebrachte etenswaren te nuttigen, stond er op een bordje en daar houden we ons dan aan) En dan wordt het wel zo’n beetje tijd om een kleedruimte op te zoeken en dat bleek allemaal keurig verzorgd. Ietsje minder is dan dat er een mevrouw alleen naar mij toekomt met de vraag of ik mijn startnummer wil laten zien. Het is net of ze niet wil geloven dat ik hier ben voor de halve marathon. Ze is zelf ook ietsje aan de zware kant namelijk, maar het kan natuurlijk ook puur toeval zijn. Gelukkig kan ik mijn startnummer uit mijn tas vissen.

Rond kwart voor twaalf is het eigenlijk wel aardig weer, lekker zonnetje, het waait weliswaar behoorlijk, maar het eerste stuk tot aan het keerpunt hebben we er geen last van. Het veld is niet zo massaal als in april, maar toch weer massaal genoeg om elkaar uit de wind te houden op sommige stukken. Streven is om onder de twee uur te lopen, terwijl de kenianen hun best doen om de twee rondjes onder één uur te lopen. Zo heb je allemaal je eigen wedstrijdje. Ik zie af en toe wat bekenden aan de overkant van de weg en onderweg kom ik Eddie van Annie ook nog tegen. We zitten op ongeveer dezelfde tijd en golflengte. Zo net onder de twee uur.

1.58.44 staat er op mijn klokkie als ik hem heb ingedrukt en ik loop om me heen te kijken of er geen bekenden te zien zijn. Plotseling zie ik mijn enquetrice staan. Ze herkent me nog en roept naar me. Goed gedaan hoor, meneer Mijer, we bellen hoor !


www.edart.nl